Herkomst van het begrip

De term haptonomie is opgebouwd uit twee Griekse woorden: hapsis, dat aanraking of tastzin betekent, en nomos, wat wet of regel betekent. Vrij vertaald gaat het om de leer van het gevoelsleven en van bevestigend, aanrakend contact. Het vakgebied is in Nederland vanaf de jaren veertig ontwikkeld door Frans Veldman, die onderzocht hoe fysiek en affectief contact de ontwikkeling, het welzijn en het gedrag van mensen beïnvloeden.

Haptonomie is geen therapievorm op zich, maar een theoretisch kader: een manier van kijken naar de mens waarin voelen, denken en handelen als één geheel worden gezien in plaats van los van elkaar. Dat kader vormt de basis voor verschillende toepassingen, waaronder haptotherapie.

Haptonomie versus haptotherapie

In het dagelijks taalgebruik lopen de termen vaak door elkaar, maar het onderscheid is relevant:

  • Haptonomie is de onderliggende leer over gevoel, affectief contact en de wisselwerking tussen lichaam en beleving.
  • Haptotherapie is de toegepaste, begeleidende vorm die uit die leer is voortgekomen: een vorm van lichaamsgerichte begeleiding, uitgevoerd door een opgeleide haptotherapeut.

Wie op zoek is naar begeleiding volgt dus geen "haptonomie", maar een traject bij een haptotherapeut. Zie de pagina een haptotherapeut vinden voor waar daarbij op te letten valt.

De drie kernbegrippen: voelen, denken, doen

Een veelgebruikt uitgangspunt binnen de haptonomie is de samenhang tussen drie lagen:

  • Voelen: lichamelijke gewaarwordingen opnieuw leren opmerken, vaak nadat spanning, drukte of een aandoening dat contact heeft vertroebeld.
  • Denken: betekenis geven aan wat gevoeld wordt, zodat patronen en reacties herkenbaar worden.
  • Doen: dat inzicht vertalen naar ander gedrag, andere houding of andere omgang met klachten en spanning.

Waar haptotherapie voor wordt ingezet

Haptotherapeuten worden geraadpleegd bij uiteenlopende vragen. Veelvoorkomende toepassingsgebieden zijn:

  • Aanhoudende lichamelijke klachten zonder duidelijke medische oorzaak, zoals rug-, nek- of hoofdpijnklachten;
  • Spanning, stress en burn-outklachten;
  • Moeite met grenzen aangeven of "uit contact" raken met het eigen lichaam;
  • Zwangerschap, via haptonomische zwangerschapsbegeleiding gericht op contact met het ongeboren kind;
  • Vraagstukken rond levensfase, verlies of het hervinden van eigen regie.

Meer over de fysieke en emotionele signalen die aanleiding kunnen zijn om haptotherapie te overwegen, staat in de nieuwsartikelen op dit platform.

Hoe een traject er ongeveer uitziet

Een traject start doorgaans met een intakegesprek, waarin de haptotherapeut de hulpvraag in kaart brengt. Vervolgsessies combineren gesprek met lichaamsgerichte oefeningen en, waar passend, aanraking; dat laatste gebeurt altijd met expliciete instemming en binnen duidelijke grenzen. Het aantal sessies verschilt sterk per situatie. De pagina met veelgestelde vragen gaat dieper in op de duur van een traject, vergoeding en de rol van de huisarts.

Verschil met andere lichaamsgerichte therapie

Haptonomie is niet het enige lichaamsgerichte vakgebied. Het artikel lichaamsgerichte therapie: waar haptonomie wel en niet bij aansluit zet haptotherapie naast onder meer fysiotherapie, Mensendieck-oefentherapie en psychosomatische fysiotherapie.